OORLOGSWINTER

Samenvatting

De eerste experimenten op de kortegolf van Ton Hoek in de hongerwinter van 1944/45
 

OORLOGSWINTER

(30 jan 2011)    We gaan 'even' terug naar 1944/45, de 'hongerwinter'.
Mijn vriendje in ik woonden een paar honderd meter van elkaar. Zijn vader speelde orgel en had daar een versterker voor gebouwd.Echter, in die tijd was er geen elektriciteit meer in het dorp, afgezien bij een paar 'houzee-kameraden', die door iedereen genegeerd werden.

Wij mochten de twee microfoons uit het orgel gebruiken, om met een draad door de lucht en de aarde als teruglijn een soort telefoonverbinding te maken. Het lukte zowaar, maar we hoorden ook muziek. Hoe kon dat?
Wij togen naar een radiohandelaar, die probeerde ons in een oogwenk de radiotechniek bij te brengen. (Hij had toch alle tijd, want in de oorlog moesten alle radio's worden ingeleverd, zodat niet naar de 'Feind' geluisterd kon worden.)

Hij begon te vertellen dat onze (kool)microfoons als detectors werkten, en de lange draad als antenne. Dit alleen al bracht ons in een soort van verbijstering hoe dat allemaal mogelijk was en wij snapten er natuurlijk niets van. Maar hij had een plan voor ons. Hij had indertijd eens een z.g. Kortegolf voorzet apparaat gemaakt voor de vader van mijn vriend, bedoeld voor het z.g. Philips 'Broodtrommeltje', die hij dus verplicht had ingeleverd. Maar niet het voorzetapparaat.
Hij heeft voor ons een ombouw schema getekend, zodat we zouden kunnen luisteren naar de 'Engelse Zender', met de dagelijkse uitzendingen, ik meen om 20.30, n.l. 'Radio Oranje', met allerlei mededelingen en ook de laatste oorlogs-situaties aan de fronten.

Ik meen me te herinneren dat het ging om een set met een ECH-4, en een AZ-1 en een Amroh MuCore 401. Het grote probleem was de voeding. We hadden een auto-accu, die we elke middag voltrapten op twee tegenover gemonteerd fietsen, met gekruiste kettingen, en een autodynamo met een riem over het achterwiel. Zodoende konden we samen voldoende lading leveren voor zowel een lampje in de kamer, als voor de gloeidraadvoeding van de set.
Maar nu de plaatspanning.... We namen een oude koffergrammofoon en een z.g. VT-dynamo, een 12-polige fietsdynamo. Deze werd door de draaitafel aangedreven en aangesloten op een belfrafo aan de 6 volt kant. Er bleek ongeveer 90 Volt uit komen, net genoeg voor de ECH-4. (Er moest wel steeds flink opgewonden worden)
De antenne was een zeer lange draad die in de grote schuur langs de dakspanten werd gespannen. Ik zal niet ingaan op het gemodder, (solderen met een soldeerboutje in een peterolielamp) voordat we eindelijk iets konden ontvangen, en dan nog de juiste afstemming te vinden, ik zou het me zelfs niet meer herinneren.

Maar, eindelijk was het zover: We konden elk met een schelp van de koptelefoon tot aan de bevrijdingsdag 5 mei de Engelse Zender beluisteren en zelfs de uitzending met de toenmalige Min.Pres.in Londen, Prof Gerbrandy: 'Landgenoten, gij zijt vrij!'

We waren ons wel degelijk bewust, dat het levensgevaarlijk was wat wij deden, en het was soms erg moeilijk om wat we hoorden niet rond te bazuinen.... Onze ouders wisten eigenlijk niet precies wat wij daar in die schuur uitspookten en geloofden ons dan ook niet, maar vonden het wel vreemd, dat na een paar dagen in de (schaarse, zeer kleine en dunne) krant hetzelfde stond.

Uiteindelijk is dit wel het begin geweest van mijn weg naar het Radioamateurisme. Mijn vriendje ging een andere techniek in.

P.S. In de hongerwinter hadden we geen school, we kregen per post stencils met opdrachten toegestuurd, die dan dus weer werden
teruggestuurd etc. Dus we hadden alle tijd om alle mogelijke dingen te doen. Zo hebben we modelzweefvliegtuigen gebouwd, er
was ruimte genoeg op de uitgestrekte weides. Zelfs hadden we een soort autogiro zweefvliegtuig, die tegen de wind in van de grond opsteeg. Ook probeerden we een boot te maken met een propellor aangesloten op een schroef in de hoop tegen de wind op te varen, wat natuurlijk hopeloos mislukte. Tijdens de zeer strenge winter gingen we natuurlijk ijszeilen! Dat ging prachtig op die eindeloze weteringen. Wat hebben we een kou geleden, wat was de weg terug een marteling......
Er was eens een Focke Wulf neergestort in het inundatiegebied. Natuurlijk gingen we op de schaats daarheen. Na een half uur schaatsen zagen we, dat het toestel al compleet was gestript, waarschijnlijk door de onderduikers daar in de buurt... Wapens weg, plexiglas weg, koperenleidingen weg, banden afgesneden, etc. Slechts een loshangend hoogteroer kon ik meenemen, maar moest het op de terugweg wegens koude handen, handschoenen vergeten, weer laten vallen. (Het vroor toen ong. 10 graden, geen trophee dus.)

(Pieter J.T.Bruinsma, PA0PHB) 

Referenties, informatie:

PI4WNO bulletin nr 919 herinneringen van PA0PIM

lll